Voormalig raadhuis aan de Plats.

23-09-2021

Vandaag interessante informatie over de geschiedenis van Echt en speciaal over het gebouw, waarin het museum gevestigd is. De Heemkundekring Echter Landj, een medegebruiker van het voormalige raadhuis, leverde een bijdrage aan de blog.

“Zo oud als de straten van Echt” is een Limburgs spreekwoord.

Dat Echt een oude historie heeft en dat het land van Echt al heel vroeg bewoond was, kan aangetoond worden met zeer oude documenten. De tot nu toe beschreven geschiedenis van Echt gaat terug tot het jaar 705.

Echt is echter veel ouder, want door opgravingen, kunnen we bewijzen dat de geschiedenis van Echt zeker teruggaat tot de tijd van de Romeinen. Uit de bodemvondsten is namelijk gebleken dat er in Echt al een permanente Romeinse nederzetting was. Een deel van deze vondsten is te bewonderen in het Wonderkabinet bij het Museum van de Vrouw.

Rond het jaar 705 krijgt Pepijn van Herstal, een machtige Merovingische hofmeier met veel eigendommen en bezittingen, volgens de documenten, op zijn doortocht naar St. Odiliënberg een ongeluk, waardoor hij en zijn gevolg in groot gevaar verkeren. De Echtse bevolking, bereidwillig en hulpvaardig, helpt hem uit zijn benarde positie Als dank schenkt híj de Echtenaren de uitgestrekte bossen van “Echter Waldia”, het gebied dat nu Echterbosch wordt genoemd.

Rond 1220 heeft Echt, als grensplaats tussen Gelre en Gulik, de titel van stad en is omgeven door grachten met drie bruggen en stadspoorten. Een brug lag aan het eind van de Grote Straat en heette Suedepoort. Een andere brug lag aan het einde van de Wijnstraat, over de Geleenbeek en heette Maaseyckerpoort, terwijl de derde brug, gelegen aan het eind van de Jodenstraat de Noorderpoort genoemd werd. Dit blijkt uit een tekening van 1546 van Jacob van Deventer, hof tekenaar van Karel V.

Vanaf 1253 behoort Echt tot het graafschap Gelre. In 1397 wordt Echt door de Luikenaren tot de grond toe verwoest en honderd jaar later in 1498 gebeurt dit nogmaals. Ook tijdens de 80-jarige oorlog tussen Nederland en Spanje (van 1568-1648) wordt Echt bijna geheel verwoest en blijven van de vestingwerken slechts de grachten over.

In 1600 wordt de helft van de huizen in Echt verwoest, in 1656 brandden er 69 huizen af en in 1703 nogmaals 38 huizen (waaronder de gehele Wijnstraat). In 1688 sterft 1/10 van de inwoners aan de pest en in 1731 brandt “half Echt” af, volgens schepen Delsingh.

Raadhuis in Echt voor 1887

Het oudste stadhuis van Echt, gebouwd rond 1660, is niet alleen het “bestuurshuis der vroede vaderen”, maar hierin was tevens gevestigd de Lakenhal, de Schepenbank en het Hoofdgericht. Een prachtige hardstenen gevelsteen van dit oude stadhuis is bewaard gebleven en boven de achterdeur van het stadhuis ingemetseld. In deze oude gevelsteen is een staande leeuw uitgehouwen, die met zijn voorpoten een lint vasthoudt met het Echter wapenschild. Er onder staat het jaartal 1660.

Het voormalige raadhuis aan de Plats kwam klaar in 1887 en verving het raadhuis uit 1820 dat in verval was geraakt. Het is ontworpen door architect J. Kayser (leerling van Pierre Cuijpers en architect van o.a. de kerken van Holtum, Reuver en Kapel in ’t Zand Roermond) en werd gebouwd door aannemer Ubachs uit Nieuwstadt. Initiatiefnemer was burgemeester Louis Welters, de vader van de geschiedschrijver van Echt: pastoor Ad Welters. Het is een prachtig gebouw, ’n echt sieraad voor Echt, waarin burgemeester Heemskerk en secretaris Storken net als 30 ambtenaren werkzaam zijn geweest.

Op de benedenverdieping (nu Wonderkabinet en grote zaal) was tot 1920 de lagere jongensschool gevestigd die ook al in het oude raadhuis van 1820 enkele lokalen in gebruik had. In 1920 is de jongensschool verhuisd naar de Peijerstraat (voormalige kweekschool onderwijzers en in de 70-er jaren van de vorige eeuw afgebroken). Op de bovenverdieping bevonden zich de (3-kamer) woning van de hoofdonderwijzer, de werkkamers van de burgemeester, de secretaris en enkele ambtenaren alsmede de raadzaal.

“Het dak is afgedekt met kruispannen die aan het einde van de 19e eeuw een Echter specialiteit waren van de toen nog jonge kleiwarenindustrie.”

De ingang naar de school was de hoofdingang aan de Platszijde met boven de deur het reliëf met de spelende kinderen. De ingang naar het raadhuis was precies op de hoek onder het balkon. De deur rechts naast de ingang naar het raadhuis was de deur naar de woning van de hoofdonderwijzer, die in het raadhuis op de 1e verdieping woonde als onderdeel van zijn loon (inwoning). De drie kamers voor het gezin van de hoofdonderwijzer zijn nu verdeeld in het kantoor van het museum, de ruimte van de Stichting Dr. Edith Stein en de toiletten.

Aan de achterzijde van het raadhuis, waar nu de zaal en de garderobe is, bevond zich een ommuurde binnenplaats met (was-/kook-) keuken voor het gezin van de hoofdonderwijzer.

De bouwstijl van het voormalige raadhuis laat zich samenvatten in het begrip eclectisch. Het eclectische bouwwerk heeft kenmerken uit verschillende bouwstijlen in zich, die zijn gecombineerd tot een nieuw geheel. Zo kunnen in de gevel klassieke stijlen teruggezien worden (bovenzijde raampartijen benedenverdieping), Romaanse bogen en Griekse timpanen (ramen 1e verdieping en grote dakkapel). Op de hoeken Hollandse trapgevels en het balkon op de hoek is in Barokstijl. Onder, aan beide zijden van de dakkapel, zijn nog resten zichtbaar van (eerdere uitbundige) Renaissance-achtige voluten. Het dak is afgedekt met kruispannen die aan het einde van de 19e eeuw een Echter specialiteit waren van de toen nog jonge kleiwarenindustrie. Kenmerk is dat de pannen niet recht onder elkaar liggen, maar in de rij een halve pan verspringen.

In de 70-er jaren van de vorige eeuw is een nieuw stadhuis gebouwd aan de Nieuwe markt.

Het voormalige raadhuis is in november 2007, na een ingrijpende restauratie van bijna 2 jaar heropend. Toen werden er de bibliotheek, de VVV en het Museum van de Vrouw in gevestigd. Vanaf 2019 (na een verbouwing van 13 maanden) wordt het cultuurhuis gebruikt door het Museum van de Vrouw, de Heemkundekring Echter Landj, Stichting Edith Stein en Veldeke krink Echt. Tevens wordt de zaal gebruikt als oefenruimte door de harmonie. Het gebouw is ook in gebruik voor (culturele) activiteiten.